viĥenanino

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Esperanto

Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van viĥenano ("Wijchenaar") met het achtervoegsel -ino ("vrouwelijk")
  enkelvoud meervoud
nominatief   viĥenanino     viĥenaninoj  
accusatief   viĥenaninon     viĥenaninojn  

Zelfstandig naamwoord

viĥenanino

  1. (demoniem) Wijchense