vervoert

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·voert

Werkwoord

vervoeging van
vervoeren

vervoert

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vervoeren
    • Jij vervoert. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vervoeren
    • Hij vervoert. 
  3. (verouderd) gebiedende wijs meervoud van vervoeren
    • Vervoert!