vervoersmiddel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·voers·mid·del
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vervoersmiddel vervoersmiddelen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

vervoersmiddel o

  1. (verkeer) (techniek) iets waarmee men mensen en dingen kan transporteren
     In Bangladesh kunnen veel mensen zich geen auto veroorloven, daarom is de bus een populair vervoersmiddel.[1]
     Na de fiets is de trein het meest duurzame vervoersmiddel. En ook het leukste, vindt Kirsten Sporen.[2]
Hyponiemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron “Bengaalse studenten: 'Hoe meer ze slaan, hoe meer we terugvechten'” (06-08-2018), NOS
  2. Bronlink Weblink bron “Duurzaam weg: het Albanese platteland is populairder dan ooit” (03-08-2018), NOS