verversten

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·vers·ten

Werkwoord

vervoeging van
verversen

verversten

  1. meervoud verleden tijd van verversen
    • Wij verversten. 
    • Jullie verversten. 
    • Zij verversten.