vervellen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·vel·len
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van vel met het voorvoegsel ver-.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
vervellen
vervelde
verveld
zwak -d volledig

Werkwoord

vervellen

  1. (ergatief) oude huid afwerpen om daarmee nieuwe onderliggende huid bloot te stellen
    Als je je te veel in de zon bevindt, zul je vervellen.
Vertalingen