vervaardiging

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·vaar·di·ging
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vervaardiging vervaardigingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

vervaardiging v [1]

  1. het maken, produceren van iets
     De steden langs de Kama zijn grauw; je krijgt de indruk dat de bewoners zich alleen maar bezighouden met de vervaardiging van wolken, verveling, natte schuttingen en straatvuil.[2]
     Er zijn ook andere oorzaken te bedenken voor de kleurstof op het gebit van de vrouw. Zo was ze misschien betrokken bij de productie van de azuurblauwe inkt. Daarvoor wordt de edelsteen lapis lazuli fijngemalen. Mogelijk heeft ze bij de vervaardiging van inkt de gemalen steen ingeademd of ze gebruikte de gemalen steen, die door de oude Grieken geneeskrachtige kwaliteiten werd toegedicht, als medicijn.[3]
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Michel Krielaars op Wikipedia “Het brilletje van Tsjechov : reizen door Rusland” (2014), Atlas Contact op Wikipedia, ISBN 9789045024875
  3. Bronlink geraadpleegd op 25 april 2022 Weblink bron “Middeleeuwse non met blauwe tanden werpt nieuw licht op boekproductie” (09-01-2019), NOS