vertraging

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·tra·ging
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vertraging vertragingen
verkleinwoord vertraginkje vertraginkjes

Zelfstandig naamwoord

vertraging v

  1. het langzamer gaan
    • Er trad een vertraging op. 
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie