verstrooiing

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

[1] verstrooiing na een leven hard werken
Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·strooi·ing
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord verstrooiing verstrooiingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

verstrooiing v [2]

  1. rust na hard en geconcentreerd werken
    • Hij nam vorig jaar de beslissing Pauw en Jinek ieder evenveel zendtijd te geven. ,,Ook als blijk van vertrouwen in haar. Dat heeft zich dubbel en dwars uitbetaald. Eva is een unieke persoonlijkheid. Een echte journalist die toch ook een vleugje entertainment en verstrooiing weet te brengen.’’[3] 
    • Gerrit Jan Dwars dacht 100 jaar geleden dat er in zijn dorp behoefte was aan verstrooiing. "Hij is verderop aan de Goorsestraatstraat een café begonnen.[4] 
  2. verspreiding over een groter gebied dan oorspronkelijk het geval was
    • Dat de lucht rood kleurt, heeft te maken met de afstand die de zonnestralen moeten afleggen door de atmosfeer en daarbij de mate van 'verstrooiing'. Blauw licht heeft de kortste golflengte; dat is ook waarom de lucht normaal gesproken blauw is. Maar door stofdeeltjes kan licht 'verstrooid'raken. Het blauwe licht wordt door kleine deeltjes - bijvoorbeeld waterstof - weerkaatst, waardoor relatief meer rood licht ons bereikt. Vandaar dat de hemel dan rood kleurt.[5] 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen


Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[6]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. verstrooiing op website: Etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  3. Tubantia Gudo Tienhooven 26-SEPTEMBER-2017
  4. Tubantia 21-JULI-2017
  5. Tubantia 14-JANUARI-2016
  6. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be