verstijven

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·stij·ven
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van stijf met het voorvoegsel ver-
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verstijven
verstijfde
verstijfd
zwak -d volledig

Werkwoord

verstijven

  1. (ergatief) stijf worden
    Hij was verstijfd van de schrik.
Vertalingen