verst

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • verst

Bijvoeglijk naamwoord

verst

  1. onverbogen vorm van de overtreffende trap van ver
  1. onverbogen vorm van de overtreffende trap van vers

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • verst
Naar frequentie 1604

Bijvoeglijk naamwoord

verst

  1. onbepaald overtreffende trap van dårlig
Synoniemen

Bijvoeglijk naamwoord

verst

  1. onbepaald overtreffende trap van ille

Bijvoeglijk naamwoord

verst

  1. onbepaald overtreffende trap van ond

Bijvoeglijk naamwoord

verst

  1. onbepaald overtreffende trap van vond

Bijwoord

verst

  1. overtreffende trap van vondt


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • verrst

Bijvoeglijk naamwoord

verst

  1. onbepaald overtreffende trap van vond