verscholen
Uiterlijk
- Geluid: verscholen (hulp, bestand)
- ver·scho·len
- vervoeging van verschuilen: de stam met de uitgang -en, zonder ge- vanwege voorvoegsel (is gelijk aan de onbepaalde wijs) maar met een klinkerwisseling ui-oo (IPAː /ʌʏ/ - /oː/)
| vervoeging van |
|---|
| verschuilen |
verscholen
- meervoud verleden tijd van verschuilen
- Wij verscholen.
- Jullie verscholen.
- Zij verscholen.
- Wij verscholen.
- voltooid deelwoord van verschuilen
- ▸ Tijdens het liften naar het boerendorp Trout Lake, verscholen in de bergen van Washington, werd ik opgepikt door een vriendelijke, oude man in een versleten tuinbroek, houthakkersoverhemd en een pistool aan zijn riem.[1]
- ▸ Hij zag een tientje liggen, half verscholen in de modder.[2]
- ▸ De heuvel die ik op klim, lijkt verscholen onder een deken van mist, maar ruikt zalig, naar een mix van bos met koeienstront.[3]
- Het woord verscholen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑ Tim Voors“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers

- ↑ Manik Sarkar“Ossenkop” (2024), Hollands Diep, ISBN 9789048862696
- ↑ “De Camino” (2021), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024582280