verrassend

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·ras·send

Werkwoord

vervoeging van
verrassen

verrassend

  1. onvoltooid deelwoord van verrassen
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen verrassend verrassender verrassendst
verbogen verrassende verrassendere verrassendste
partitief verrassends verrassenders -

Bijvoeglijk naamwoord

verrassend

  1. iets onverwachts veroorzakend vooral in de leuke zin van het woord
    • De ouders waren heel blij toen de kinderen hun een verrassende stedentrip cadeau gaven. 
    • De stijgende beurskoes was een verrassende ontwikkeling voor de aandeelhouder.