verpakt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·pakt
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van verpakken: de stam met de uitgang -t, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
verpakken

verpakt

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verpakken
    • Jij verpakt. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verpakken
    • Hij verpakt. 
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van verpakken
    • Verpakt! 
  4. voltooid deelwoord van verpakken
stellend
onverbogen verpakt
verbogen verpakte

Bijvoeglijk naamwoord

verpakt

  1. het ingepakt zijn

Gangbaarheid