verontrustend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·ont·rus·tend
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen verontrustend verontrustender verontrustendst
verbogen verontrustende verontrustendere verontrustendste
partitief verontrustends verontrustenders -

Bijvoeglijk naamwoord

verontrustend

  1. onrust veroorzakend
    • Ik vind dat toch wel een verontrustende ontwikkeling. 
    • Ik slaap al een hele poos niet goed, niet meer dan een paar rusteloze uren per nacht. Ik lig wakker in het donker, omgeven door een knisperende stilte, nee geen stilte, maar een verontrustende rust.[1] 
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van: verontrusten
verbogen vorm: verontrustende

verontrustend

  1. onvoltooid deelwoord van verontrusten
    • Zijn buien van ongeduld waren verontrustend. Het gebrek aan ondernemingslust van de troepen werkte hem op de zenuwen. [2] 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. Harstad, Johan Max, Mischa & Het Tet-offensief 2017 ISBN 9789057598494 pagina 14
  2. Lemaitre, Pierre Tot ziens daarboven 2014 ISBN 9789401601931 pagina 13
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be