verongelijkt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·on·ge·lijkt
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van verongelijken: de stam met de uitgang -t, zonder ge- vanwege voorvoegsel [1]

Werkwoord

vervoeging van
verongelijken

verongelijkt

  1. voltooid deelwoord van verongelijken

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
91 % van de Vlamingen.

Verwijzingen