vernederen
Uiterlijk
- Geluid: vernederen (hulp, bestand)
- ver·ne·de·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| vernederen |
vernederde |
vernederd |
| zwak -d | volledig | |
vernederen
- overgankelijk iemand zo behandelen dat hij zich minderwaardig voelt
- Er zijn vier kernsymptomen van narcisme, waarvan er drie meteen waarneembaar zijn. Namelijk ten eerste de neiging zichzelf op te blazen en machtig voor te doen; ten tweede een gebrek aan wederkerigheid, dus geen ruimte laten voor anderen; en ten derde de neiging mensen die kritiek leveren van zich af te stoten en te vernederen. Ik zie ze alledrie bij Trump.[2]
- Het woord vernederen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "vernederen" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ vernederen op website: Etymologiebank.nl
- ↑ www.psychologie.nl (7 feb 2025)
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Voorvoegsel ver- in het Nederlands
- Achtervoegsel -en in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-d) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Onscheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %