vermoed

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·moed
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van vermoeden: de stam zonder -d omdat de stam al op -d eindigt en zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
vermoeden

vermoed

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vermoeden
    • Ik vermoed. 
  2. gebiedende wijs van vermoeden
    • Vermoed! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vermoeden
    • Vermoed je? 

Deelwoord

bevestigend
deelwoord
ontkennend
deelwoord
onverbogen vermoed onvermoed
verbogen vermoede onvermoede
vervoeging van
vermoeden

vermoed voltooid deelwoord van vermoeden

  1. vormt de voltooide tijden
    • Ik had wel enigszins vermoed dat dit zou gebeuren. 
    • Zelfs hij kon toen onmogelijk hebben vermoed dat hij zo snel gelijk zou krijgen. 
  2. vormt de onpersoonlijke lijdende vorm
    • Wat al vermoed werd bevestigt dit bericht. 
    • De problemen zijn groter dan aanvankelijk werd vermoed. 
  3. attributief gebruikt
    • Van elk geval van fraude of vermoede fraude moet melding gemaakt worden. 

Gangbaarheid