vermaner

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·ma·ner
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord vermaner vermaners
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

vermaner m [2]

  1. (religie) een religieus leraar voor de doopsgezinden
     Hij werd predikant in Aalsmeer, waar hij zich ontpopte als „zedelijke vermaner.”[3]
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

76 % van de Nederlanders;
62 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. vermaner op website: Etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  3. Bronlink Weblink bron dr. ir. J. van der Graaf “De wereld werd de kerk voor ds. Simon Gorter” (08-06-2017), Reformatorisch Dagblad