verloochenden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·loo·chen·den

Werkwoord

vervoeging van
verloochenen

verloochenden

  1. meervoud verleden tijd van verloochenen
    • Wij verloochenden. 
    • Jullie verloochenden. 
    • Zij verloochenden.