verlangden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·lang·den

Werkwoord

vervoeging van
verlangen

verlangden

  1. meervoud verleden tijd van verlangen
    • Wij verlangden. 
    • Jullie verlangden. 
    • Zij verlangden.