verkletst

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·kletst
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van verkletsen: de stam met de uitgang -t, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
verkletsen

verkletst

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verkletsen
    • Jij verkletst. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van verkletsen
    • Hij verkletst. 
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van verkletsen
    • Verkletst! 
  4. voltooid deelwoord van verkletsen