verkaufen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·kau·fen
Woordherkomst en -opbouw
  • Afleiding van het Duitse werkwoord kaufen met het voorvoegsel ver-
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verkaufen
verkaufte
(hat) verkauft
zwak volledig onscheidbaar

Werkwoord

verkaufen

  1. overgankelijk (beursjargon) aanlappen (verkopen van een aandeel, optie, future of een ander op de beurs verhandeld product)