verkaufen
Uiterlijk
- ver·kau·fen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| infinitief | verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| verkaufen |
verkaufte |
(hat) verkauft |
| zwak | volledig | onscheidbaar |
verkaufen
- overgankelijk (beursjargon) aanlappen (verkopen van een aandeel, optie, future of een ander op de beurs verhandeld product)