verifiëren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ve·ri·fië·ren, ve·ri·fi·eren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verifiëren
verifieerde
geverifieerd
zwak -d volledig

Werkwoord

verifiëren

  1. (overgankelijk) nagaan, controleren
    Uw bankgegevens worden nu geverifieerd.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl

Meer informatie