verhulde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·hul·de

Werkwoord

vervoeging van
verhullen

verhulde

  1. enkelvoud verleden tijd van verhullen
    • Ik verhulde. 
    • Jij verhulde. 
    • Hij, zij, het verhulde.