verheven

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·he·ven
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
verheffen

verheven

  1. voltooid deelwoord van verheffen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen verheven verhevener verhevenst
verbogen (verhevenere) verhevenste
partitief verhevens verheveners -

Bijvoeglijk naamwoord

verheven

  1. beter dan het alledaagse
    • De dichter sprak op verheven toon. 
    • Dat is een verheven gedachte 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.