vergunnen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·gun·nen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
vergunnen
vergunde
vergund
zwak -d volledig

Werkwoord

vergunnen

  1. overgankelijk toestaan, toestemming verlenen.
    • Berthout en de hertog vergunden aen die van Mechelen eene allervoordeeligste Keure. 
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

87 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.