Naar inhoud springen

vergissing

Uit WikiWoordenboek
  • ver·gis·sing
  • Naamwoord van handeling van vergissen met het achtervoegsel -ing.
enkelvoud meervoud
naamwoord vergissing vergissingen
verkleinwoord vergissinkje vergissinkjes

devergissingv

  1. iets doen dat niet juist is, of een verkeerde conclusie trekken
    • Een vergissing begaan. 
    • Ik sloeg bij vergissing linksaf in plaats van naar rechts te gaan. 
     Wat was er waar, en wat begon ik op dat moment al te verzinnen? Het was heel belangrijk voor me om te weten of Quick had gewild dat ik die aanwijzingen in haar adresboek zou vinden of dat het een vergissing was.[1]
  2. iets doen dat slecht afloopt of ongelukkige gevolgen heeft
    • Op vakantie gaan naar Irak bleek een vergissing. 
     Meteen toen ze de bakelieten hoorn naar haar oor bracht, wist ze dat ze een vergissing beging.[1]
     Von der Leyen sloot zich daarbij aan. De voorzitter van de Europese Commissie kondigde aan dat de EU voor de periode 2025-2027 500 miljoen euro uittrekt om Europa aantrekkelijk te maken voor onderzoekers. "Wetenschap staat ter discussie. Investeringen in vrij en open onderzoek staan ter discussie. Dat is een enorme vergissing. Wetenschap is de sleutel tot onze toekomst in Europa."[2]
99 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[3]
  1. 1 2
    Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  2. Bronlink geraadpleegd op 6 mei 2025 Weblink bron
    Frank Renout
    “Europa: 600 miljoen euro om Amerikaanse wetenschappers aan te trekken” (5 mei 2025), NOS
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be


vergissing

  1. vergissing

vergissing

  1. vergissing