vergeleken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·ge·le·ken
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
vergelijken

vergeleken

  1. meervoud verleden tijd van vergelijken
    • Wij vergeleken. 
    • Jullie vergeleken. 
    • Zij vergeleken. 
  2. voltooid deelwoord van vergelijken