verfijnen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·fij·nen
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van fijn met het voorvoegsel ver- en met het achtervoegsel -en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verfijnen
verfijnde
verfijnd
zwak -d volledig

Werkwoord

verfijnen

  1. overgankelijk fijner of gevoeliger maken
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.