verenigbaarheid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

verenigbaarheid van Apollo en Soyouz ruimteschepen
Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·enig·baar·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord verenigbaarheid verenigbaarheden
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

verenigbaarheid v [1]

  1. het combineerbaar zijn van twee of meer zaken of personen
    • Het hoogste rechtscollege wil eerst vragen stellen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie over de verenigbaarheid van de splitsingswet met het Europese recht. [2] 
    • Enkele linkse parlementariërs hadden twijfels geuit aan de verenigbaarheid van het begrotingspact met de grondwet, omdat het verdrag de nationale soevereiniteit te veel zou beperken. [3] 
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid


Verwijzingen