verdergaan

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·der·gaan
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verdergaan
ging verder
verdergegaan
klasse 7 volledig

Werkwoord

verdergaan

  1. ergatief ~ met: iets voortzetten
    • Zij waren gewoon verdergegaan met werken alsof er niets gebeurd was. 
Vertalingen

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be