verchroomden
Uiterlijk
- ver·chroom·den
| vervoeging van |
|---|
| verchromen |
verchroomden
- meervoud verleden tijd van verchromen
- Wij verchroomden.
- Jullie verchroomden.
- Zij verchroomden.
- Wij verchroomden.
- Het woord verchroomden staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.