vegen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ve·gen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
vegen
veegde
geveegd
zwak -d volledig

Werkwoord

vegen

  1. overgankelijk zonder water schoonmaken met een borstel
    • Vergeet niet de vloer nog te vegen! 
  2. (figuurlijk) door ergens langs te strijken verplaatsen of verwijderen
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [2]: een voorstel van tafel vegen
een punt tot onbelangrijk verklaren, niet behandelen of afwijzen
  • [2]: onder het tapijt vegen
in de doofpot stoppen
  • [2]: van de kaart vegen
totaal vernietigen
Typische woordcombinaties
  • [1]: de vloer vegen
  • [1]: een schoorsteen vegen
  • [1]: je voeten aan de deurmat vegen
  • [2]: de tranen van je wangen vegen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

vegen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord veeg

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl


Noors

Woordafbreking
  • ve·gen
Naar frequentie 27161

Zelfstandig naamwoord

vegen, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van veg
Schrijfwijzen


Nynorsk

Woordafbreking
  • ve·gen

Zelfstandig naamwoord

vegen, m

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van veg