valpijp

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

valpijp
Uitspraak
Woordafbreking
  • val·pijp
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord valpijp valpijpen
verkleinwoord valpijpje valpijpjes

Zelfstandig naamwoord

valpijp v/m

  1. een verticaal of schuin staande buis of pijp om vooral vloeistoffen en stortgoed te verplaatsen met behulp van de zwaartekracht
     Mede daarom heeft Tideway €100 miljoen gestoken in een gloednieuw zogeheten valpijpschip, met de toepasselijke naam Flintstone. Dit schip wordt momenteel gebouwd in Singapore, heeft een laadvermogen van 20.000 ton en kan nauwkeurig stenen storten tot op diepten van twee kilometer.[1]
Vertalingen

Gangbaarheid

67 % van de Nederlanders;
54 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron “Stenen op grote diepte” (15 nov. 2012), De Telegraaf