vake

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • va·ke

Bijvoeglijk naamwoord

vake

  1. verbogen vorm van de stellende trap van vaak

Gangbaarheid

9 % van de Nederlanders;
78 % van de Vlamingen.


Picardisch

Zelfstandig naamwoord

vake

  1. koe