våt
Uiterlijk
- våt
- Afkomstig van het Oudnoorse bijvoeglijke naamwoord vátr.
våt
- nat
- «I vått høstvær er gummistøvelen en sikker vinner.»
- In de natte herfstweer zijn rubberlaarzen een zekere winnaar.
- «I vått høstvær er gummistøvelen en sikker vinner.»
stellend | vergrotend | overtreffend | ||
---|---|---|---|---|
onbepaald (sterk) |
m/v enkelvoud | våt | våtere | våtest |
o enkelvoud | vått | |||
meervoud | våte | |||
bepaald (zwak) |
enkelvoud en meervoud |
våte | våtere | våteste |
- våt
- Afkomstig van het Oudnoorse bijvoeglijke naamwoord vátr.
våt
stellend | vergrotend | overtreffend | ||
---|---|---|---|---|
onbepaald (sterk) |
m/v enkelvoud | våt | våtare | våtast |
o enkelvoud | vått | |||
meervoud | våte | |||
bepaald (zwak) |
enkelvoud en meervoud |
våte | våtare | våtaste |
- våt
stellend | vergrotend | overtreffend |
---|---|---|
våt |
våtare |
våtast |
våt
Categorieën:
- Woorden in het Noors
- Woorden in het Noors van lengte 3
- Woorden in het Noors met audioweergave
- Woorden in het Noors met IPA-weergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Noors
- Woorden in het Nynorsk
- Woorden in het Nynorsk van lengte 3
- Woorden in het Nynorsk met audioweergave
- Woorden in het Nynorsk met IPA-weergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nynorsk
- Woorden in het Zweeds
- Woorden in het Zweeds van lengte 3
- Woorden in het Zweeds met audioweergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Zweeds