uitzaaiing

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·zaai·ing
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord uitzaaiing uitzaaiingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

uitzaaiing v

  1. (medisch) het overgaan van een lichamelijke functie of ziekte naar een ander deel van het lichaam, in het bijzonder de ontwikkeling naar een secundaire plek die is afgescheiden van de oorspronkelijke plek, zoals bij somminge kankers
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie