uitvragen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·vra·gen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
uitvragen
vraagde uit
vroeg uit
uitgevraagd
klasse 6

zwak -d
gemengd

volledig

Werkwoord

uitvragen [1]

  1. indringend en uitgebreid vragen stellen
    • Het systeem voor het uitvragen van het probleem, de triage, is heel defensief opgezet. We willen geen problemen missen. Maar daardoor komen er wel veel mensen doorheen. En dat geeft drukte.[2] 
  2. proberen door vragen iets te weten te komen wat iemand eigenlijk geheim of verborgen wil houden
    • In de uitzending was te zien hoe callcentermedewerkers zieke werknemers aan de telefoon uitvragen over hun ziekte. Deze çasemanagers hebben geen medische opleiding, maar ze bepalen wel of de ziekmelding terecht is. In de dossiers die ze samenstellen staat vaak vertrouwelijke informatie die is in te zien door de werkgever. Daarmee schendt Verzuim Reductie de privacywetgeving.[3] 
  3. vragen of iemand met je uit wil gaan
    • Ex-president Barack Obama liet zich van zijn meest romantische kant zien en verraste zijn vrouw met een emotionele videoboodschap ter gelegenheid van hun 25ste huwelijksverjaardag. “Jou mee uitvragen was de beste beslissing die ik ooit nam. Ik hou van je.'[4] 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Vertalingen

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[5]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Tubantia Hans Brok 13-09-17
  3. Volkskrant NANDA TROOST 7 april 2012
  4. de Standaard 04/OKTOBER/2017 door lla
  5. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be