uitrustingsstuk
Uiterlijk
- Geluid: uitrustingsstuk (hulp, bestand)
- IPA: / ˈœytrʏstɪŋˌstʏk / (4 lettergrepen)
- uit·rus·tings·stuk
- samenstelling van uitrusting zn en stuk zn met het invoegsel -s- [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | uitrustingsstuk | uitrustingsstukken |
| verkleinwoord | uitrustingsstukje | uitrustingsstukjes |
het uitrustingsstuk o
- (militair), (techniek) elk van de zelfstandig bruikbare bestanddelen van een wapenrusting, scheepsuitrusting of van een werktuig
- In het gras lag een uitrustingsstuk van een graafmachine, en wel een zg. slotenbak.
- Het woord uitrustingsstuk staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 15
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Invoegsel -s- in het Nederlands
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Militair in het Nederlands
- Techniek in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal