uitrusting

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·rus·ting
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord uitrusting -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

uitrusting v

  1. (militair), (scheepvaart) de beschikbaar gestelde voer-, vlieg- of vaartuigen, bewapening, gereedschappen en hulpmiddelen, om een taak uit te voeren
    De uitrusting van de expeditie was ontoereikend, het gestelde doel werd niet bereikt.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen