uitnodigingetje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·no·di·gin·ge·tje

Zelfstandig naamwoord

uitnodigingetje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord uitnodiging