uitgestorven

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·ge·stor·ven
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen uitgestorven
verbogen
partitief uitgestorvens

Bijvoeglijk naamwoord

uitgestorven

  1. helemaal verlaten
    • Maar er verscheen niemand, het was doodstil. De straten waren uitgestorven. Behalve een stokoude en dove Lilakuit die mompelend in zichzelf door het Olielaantje liep kwamen ze niemand tegen.[1] 


Werkwoord

vervoeging van
uitsterven

uitgestorven

  1. voltooid deelwoord van uitsterven

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Herzen, Frank De zoon van de woordbouwer 1970 ISBN 9062805450 pagina 94