tweedehands

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • twee·de·hands
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstellende afleiding van tweede en hand met het achtervoegsel -s
stellend
onverbogen tweedehands
verbogen tweedehandse
partitief tweedehands

Bijvoeglijk naamwoord

tweedehands

  1. reeds in iemand anders bezit geweest
    • Deze tweedehandse trui is net nieuw. 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Opmerkingen
  • Attributief wordt het woord vaak onverbogen gebruikt: een tweedehands auto
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie