tuinafval

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tuin·af·val
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tuinafval
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

tuinafval o

  1. het organische afval dat uit de tuin komt
    • Samen met fruitafval en groenteafval doe je tuinafval in de gft-bak. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.