truc

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • truc
enkelvoud meervoud
naamwoord truc trucs
verkleinwoord trucje trucjes

Zelfstandig naamwoord

truc m

  1. een handeling om op een slimme manier een doel te bereiken
    • De regering heeft heel wat trucs moeten uithalen om een sluitende begroting voor te kunnen leggen. 
Synoniemen
Hyponiemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.


Frans

Uitspraak
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  truc     le truc     trucs     les trucs  

Zelfstandig naamwoord

truc m

  1. truc