troonswisseling

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • troons·wis·se·ling
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord troonswisseling troonswisselingen
verkleinwoord troonswisselinkje troonswisselinkjes

Zelfstandig naamwoord

troonswisseling v

  1. een koning(in) die een voorganger opvolgt
    • Met de troonswisseling volgde Willem-Alexander zijn moeder Beatrix op als koning. 

Meer informatie

Gangbaarheid