triode

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Triode
Uitspraak
Woordafbreking
  • tri·o·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord triode trioden
triodes
verkleinwoord triodetje triodetjes

Zelfstandig naamwoord

triode v

  1. (elektrotechniek) radiobuis met drie elementen (kathode, anode, 1 rooster)
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl