triest

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • triest
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘treurig’ voor het eerst aangetroffen in 1553 [1]
  • van het Frans [2]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen triest triester (triestst) *
verbogen trieste triestere (triestste) *
partitief triests triesters -

Bijvoeglijk naamwoord

triest [3]

  1. somber stemmend
    • Het was een gure, trieste dag met veel regen en windvlagen. 
Opmerkingen
  • Omdat "-stst" moeilijk is uit te spreken en te verstaan kan voor de overtreffende trap beter de omschrijving "meest triest(e)" worden gebruikt.[4][5]
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen