trekkerig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • trek·ke·rig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen trekkerig trekkeriger trekkerigst
verbogen trekkerige trekkerigere trekkerigste
partitief trekkerigs trekkerigers -

Bijvoeglijk naamwoord

trekkerig [1]

  1. met rukjes
    • De dwergvleermuis jaagt over water en weilanden, langs heggen en bosranden en bij lantaarnpalen. De vlucht is snel en trekkerig. De dwergvleermuis jaagt op kleine insecten, voornamelijk mugjes en schietmotten, maar ook motten en gaasvliegen. [2] 
  2. met windvlagen
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

86 % van de Nederlanders;
77 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen