trapleuning

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Trapleuning die direct aan de muur is bevestigd.
Uitspraak
Woordafbreking
  • trap·leu·ning
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord trapleuning trapleuningen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

trapleuning v [1]

  1. iets waar je je aan kunt vasthouden tijdens het lopen over een trap om steun en stabiliteit te krijgen
    • Het open trappenhuis met smeedwerk en kronkelende houten trapleuning mag blijven, evenals de bruin-oranje muurtegeltjes. En het glas-in-lood in de voorgevel? Ook. Wat gebarsten of verdwenen is, wordt hersteld. [2] 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Maurice Geluk 16 februari 2017
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be